Je vakantie wordt een stuk leuker als je probeert met de ‘locals’ te spreken in hun eigen taal. Maar ook een stuk gevaarlijker. Tien woorden waarmee je in Frankrijk behoorlijk onderuit kunt gaan:
1. Poisson
Wie vis op z’n bord wil, bestelt poisson (S). Wie z’n vakantie (en z’n leven) direct wil beëindigen, bestelt poison (Z): gif.
2. Je suis fini
Veel Nederlanders (en Britten, Duitsers etc.) zeggen aan het einde van een maaltijd: ‘Je suis fini’. Dat klinkt erg radicaal: ‘Mijn laatste uur heeft geslagen’. Vermoedelijk bedoelen ze: ‘J’ai fini’ (‘Ik ben klaar’).
3. Je suis pleine
‘Ik zit helemaal vol’ kun je in het Nederlands zeggen. Dat wordt in het Frans: ‘Je suis plein(e)’. Klinkt raar na een maaltijd. Is namelijk een wat platte manier om te zeggen: ‘Ik ben zwanger’.
4. Chambre
Toen ik lang geleden in Frankrijk studeerde, vroeg mijn docente of ze me kon spreken. ‘In uw chambre?’ vroeg ik. Sindsdien heb ik altijd onthouden dat ’chambre’ meestal ‘slaapkamer’ betekent.
5. Horloge
Een ‘horloge’ draag je in Frankrijk niet om je pols: het is namelijk een klok.
6. Baiser
‘Un baiser’ is een kus, maar het werkwoord ‘baiser’ is (ook) een nogal platte omschrijving van de handelingen die er op die kus kunnen volgen.
7. Ordinaire
Doe maar ‘ordinaire’, dan doe je al gek genoeg. Het Franse ordinaire betekent: ‘gewoon’.
8. Milieu
Misschien wel de beroemdste Franse taalfout die een Nederlandse politicus ooit maakte: minister Vorrink zei in de jaren ’70 eens: ‘Je suis le ministre du milieu’. ‘Le milieu’ betekent in het Frans niet ‘milieu’, maar o.a. ‘onderwereld’.
9. Conducteur
De ‘conducteur’ zit in Frankrijk achter het stuur (machinist). ‘Contrôleur’ is de Franse naam voor de man die de kaartjes knipt.
10. Hôtel de ville
Een hotel is heel wat anders dan een ‘hôtel de ville’. Vraag dat maar aan deze Britse toeriste.
Leuke Babbel? Lees hier (klik) meer van deze auteur



Vakantiebabbels kun je ook volgen via Twitter ! (klik hier om te volgen)
Ik ben benieuwd naar wat de docente tegen je zei… (pnt 4)